
16 december 2025 – Anne woont aan de Monnetlaan, is getrouwd en heeft twee jonge kinderen. Ze bespreekt in haar columns de ‘flat’-way of living.
Tekst: Anne Rietveld – Illustratie: Manono Sas
In een flat op vierhoog wonen heeft nadelen, maar ook z’n voordelen, zeg ik maar altijd. Een nadeel is dat als je vierhoog woont, je een lift tot je beschikking hebt en wél je weekboodschappen omhoog moet tillen. Een voordeel is dat tegenwoordig sterke bezorgers van een niet nader te noemen supermarkt dat voor je doen en het netjes voor je deur neerzetten.
Maar er was ook een tijd, tijdens de coronapandemie, dat bezorgers van pakketten en boodschappen, voor hun eigen gezondheid, de pakketjes niet tot aan de deur mochten bezorgen. Er werd wel aangebeld en vervolgens door de intercom geroepen: “Pakketje!”, waarna je een doffe dreun hoorde omdat ze de pakketjes één voor één de portiek in
wierpen. Heel efficiënt. In een soort polonaise liepen we als buren in onze thuiswerkoutfits (lees: pyjama’s) naar beneden om het resultaat van onze koopdrift te bewonderen.
Eigenlijk is dit gebruik sindsdien niet meer verdwenen. Soms belt de bezorger zelfs aan bij de buurvrouw, waar vervolgens álle pakketjes worden neergezet. Wat natuurlijk enorm frustrerend is als je wel thuis bleek te zijn. Maar ook dat went snel.
Des te groter was mijn verrassing toen laatst een bezorger via de intercom aanbelde. Braaf trok ik mijn sloffen aan om naar beneden te gaan waarna ik bijna tegen de bezorger zelf aan botste toen ik de voordeur opendeed. Ik voelde me even speciaal. Het kan dus nog wel: bezorgen tot aan de voordeur. Sommige bezorgers zetten net dat extra treetje meer.
